60-plussers proeven anders dan jongeren

Senioren beleven smaken niet minder intens dan jongeren, zoals vaak wel gedacht wordt. Er blijken wel verschillen in waardering van smaak te zijn. Bij gezonde 60-plussers lijken herinneringen en emoties te bepalen of zij iets lekker vinden. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van neuropsychologe Heleen Hoogeveen van het UMC Groningen.

Hoogeveen onderzocht welke processen ten grondslag liggen aan de waardering van smaak door jongeren (18-30 jaar) en senioren (60-72 jaar). Ze ging met behulp van fMRI en EEG na of de manier waarop hersenen van gezonde ouderen de smaken zoet, zuur, zout en bitter verwerken, anders is dan bij jongeren.

Uit haar onderzoek blijkt dat in de hersengebieden die smaakinformatie van de smaakpapillen in de mond ontvangen, er geen verschillen zijn in activiteit tussen jongeren en ouderen. Dit betekent dat er geen verschil is in hoe intens een smaak wordt ervaren tussen gezonde jongeren en ouderen. Ook een gedragstest waarmee Hoogeveen deze smaaksensatie mat, leverde geen verschillen tussen jongeren en ouderen op.

Invloed emoties op smaak
Er bleken wel verschillen in waardering van smaak te zijn. De 60-plussers vonden zoete en zoute smaken lekkerder dan jongeren. In zure of bittere smaken was geen verschil. Volgens Hoogeveen blijkt hieruit duidelijk dat waardering van smaak van meer factoren afhankelijk is dan smaaksensatie alleen. Zij keek daarom naar de activiteit in hersengebieden die te maken hebben met geheugen en emotie. Ze ontdekte dat ouderen in deze gebieden meer activiteit laten zien tijdens het proeven van verschillende smaken dan jongeren.

Het effect van leeftijd op de waardering van smaken is volgens Hoogeveen het gevolg van veranderingen in de complexe interactie tussen deze smaaksensatie, emoties en informatie die in ons geheugen is opgeslagen. Volgens haar is het dan ook niet nodig om in alle gevallen smaakversterkers toe te dienen in voeding voor ouderen. Hoogeveen pleit er voor om meer aandacht te schenken aan de manier waarop emoties en geheugen bijdragen aan de waardering van eten en daarmee aan adequaat eetgedrag.

Heleen Hoogeveen promoveert op 30 november 2016 aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Bron: Gezondheidsnet

Vorige pagina